De laatste

Donderdag: op zich best vroeg wakker, maar nog niet meteen de drang om uit bed te springen. Gewoon wat op bed liggen, uit het raam kijkend naar de zon die opkomt  en het riviertje dat kabbelt, is zalig. Maar aangezien koffie op bed niet zo geschikt is gebleken voor mij sta ik toch maar op. In de zon is het alweer flink warm, maar af en toe staat er ook weer die wind waardoor het toch goed uit te houden is. Tegen de middag is alles weer ingepakt, en zijn we weer op weg. De TomTom richting huiswaarts, maar zonder haast te hebben. We rijden weer door leuke landweggetjes, soms aardig klimmen in de bergen, soms vlakke stukken. We hadden geen brood meer, dus we kijken uit naar een boulangerie voor ons ontbijtje. Hoe het komt weet ik niet, maar we vinden dus nergens een bakker. Zelfs geen supermarkt. Waar gaan de plaatselijke bewoners in godsnaam naartoe?

Lees verder →

Gisteren, en vandaag.

Ik ben even de tel kwijt. Gisteren was het er dus niet meer van gekomen. We hebben in de voormiddag gewoon lui aan het water gezeten. De zon scheen hard, maar er stond ook een stevige wind, dus ik kon het deze keer goed uithouden pal in de zon. Met een beetje geluk ga ik zo ook nog eens heel bruin worden. Voor de zekerheid smeer ik me toch maar in tegen het verbranden.

Lees verder →

Dag 17

En we hadden nog zo afgesproken: we springen om 8 uur uit bed.
En zo geschiede.
Niet.
De wekker liep af, maar er scheen nog geen zon. Buiten kijkend zagen we de dauw op het gras. Het was nog steenkoud. We kruipen nog heel eventjes onder de deken. Rond 10 uur laat de zon zich weer een beetje zien, en wij staan dan ook maar op. We hebben schaduw voor de bus, dus we plaatsen de tafel een stukje verder. Heerlijk zo in de ochtendzon. Het gaat hier snel met het wisselvallige weer. Nog voor de koffie klaar is hebben we de tafel weer naar een schaduwplek verhuisd. Het ene moment heb je je nog in een omslagdoek gewikkeld tegen de kou, het andere moment brandt de zon op je vel.

Lees verder →

Dag 16

Alweer word ik om half 6 wakker en val ik niet direct terug in slaap. Ik schuif het gordijn een stukje open en zie dat het nog donker is. En heel mistig. We staan aan de rand van een stadje, op een terrein vol grote winkels en bedrijven. Hier en daar flikkeren neonreclames, en schijnen er gekleurde lichtbalken. In de mist is dat zelfs heel mooi. Zoals je bij een camera een filter kunt gebruiken om het mooier te maken, zo lijkt dat hier ook gedaan. De doorgaans schreeuwerige lichten geven nu een zwak diffuus schijnsel. Ik sukkel er terug bij in slaap. Tegen 10 uur worden we wakker van een te fel zonlicht dat recht boven ons dakraam staat en naar binnen schijnt. De mist is weg, en daarmee ook het tevoren nog zo romantische decor. We staan gewoon op een lelijke strook grindparking langs de stad. Ik ben opgelucht dat hier vandaag geen zondagsmarkt gepland was.

Lees verder →