Wel sneeuw/geen sneeuw/misschien sneeuw

‘Gaan we tóch, of blijven we beter thuis?’ vraagt Luc als we ’s morgens wakker worden en zien dat de tuin bedekt is met een dun laagje sneeuw. Terwijl we onze ochtendkoffie wegslurpen, beslissen we om toch maar te gaan. We hebben het nu eenmaal gepland, volgens de weersvoorspellingen zou het deze dagen droog blijven, dus dan moet dat maar zo zijn ook.

‘Hebben we alles?’ ‘Ja, ik denk het wel’ zeg ik, ‘we kunnen gaan’. Drie straten verder kom ik er achter dat ik m’n oplader vergeten ben, dus we staan al snel weer op de oprit. Ik haal m’n oplader, grits bij het naar buiten gaan mijn vergeten wandelschoenen nog mee, en we gaan weer op weg. Het is niet zo ver rijden, dus we hebben tijd zat. Gelukkig maar, want we zijn ook vergeten te ontbijten. We stoppen onderweg voor broodjes en beleg. Tijdens het rijden kunnen we dan wat ontbijten. Of lunchen eigenlijk, het is al na de middag.

Het begint opnieuw te sneeuwen. Eerst hele kleine miezerige vlokjes, daarna grotere vlokken echte sneeuw. Waren we nog aan het twijfelen tussen Barvaux en Aywaille als eindbestemming, we kiezen nu de dichtstbijzijnde. Aywaille. Ook vanwege het feit dat we daar de camping kennen, en weten dat er een café bij is, moest het echt niet droog blijven.

Eenmaal Luik voorbij een stralend zonnetje. Voor zover een winterzon kan stralen dan. Geen regen, geen sneeuw. Gewoon droog en zonnig. Wel koud. Rond 15 uur melden we ons bij de receptie van de camping. We moeten aanschuiven. Uiteraard is er nog plaats genoeg voor ons busje. ‘We zullen het toiletgebouw terug openen’ zegt de uitbater. ‘Er was hier namelijk helemaal niemand, en ineens zijn jullie nu met 3 campers tegelijk’. Vandaag is het hele veld voor een tof ex-brandweerbusje, een luxe camper, en ons.

Als eerste doen we de nodige boodschappen. Het is een paar minuten wandelen naar de supermarkt. Als we weer aan de bus zijn begin ik vast aan het avondeten. Poor mens stew. Als alles gebakken is, mag het in de cookingbag. Paar uur laten staan, gaart vanzelf verder, kost geen extra gas, en veilig bovendien. Ondertussen wandelen we naar de winkelstraat. Er is een brocantewinkel die ik wel eens wil bezoeken. Brocante blijkt een wat overdreven benaming te zijn. Het is gewoon een soort kringloop. Met vooral rommel. Maar wel best dure rommel. We kopen niks. Het wordt al donker als we terug naar de camping wandelen. We willen een koffie drinken in het cafeetje, maar er komt niemand. Waarschijnlijk verwachten ze ook helemaal geen bezoek op zo’n rustige dag. We gooien expres nog eens de deur hard dicht, maar geen reactie. Een bel is er niet. Dan gaan we maar naar de bus. Zelf koffie zetten. Het eten is intussen ook klaar. Zo een stoofpotje smaakt goed als het buiten zo koud is.

Onderweg hebben we een zak houtblokken gekocht. Achteraf overbodig, want ze hebben dat hier op de camping ook te koop. Maar soit, we wisten dat niet zeker. Het is koud, nul graden, maar het waait niet dus we steken een kampvuurtje aan. Drankje erbij, de geluiden van een stromend riviertje, en wat staren in de vlammen. Zo simpel kan een mooie avond zijn.

Tegen middernacht begint het ineens te sneeuwen. Natte sneeuw, ze blijft niet liggen. Maar voldoende om ons weer de bus in te krijgen. We warmen ons binnen aan de gaskachel en drinken nog een glaasje. Voor het slapen gaan nog gauw deze blog typen, en benieuwd of het morgenvroeg buiten wit is of niet.

Plaats een reactie