Camping zoektocht

Helemaal voorbereid en goed op tijd vertrekken we voor een tripje richting Ardennen. We hebben thuis online al heel wat campings opgezocht en uiteindelijk gekozen voor eentje die er, volgens de foto’s en beschrijving, heel charmant en gezellig uitzag.

Onderweg gaat het wat traag, het is druk op de baan, en hier en daar wat wegenwerken. ‘Weet je wat we vergeten zijn?’ vraagt Luc. Zonder dat ik hoef te gaan raden naar wat we vergeten zijn, vervolgt hij al met de mededeling dat we geen pechverhelping hebben. ‘Ach, die paar dagen….. dan zal er toch niks mis gaan?’

“Met piepende banden en de geur van verbrand rubber”

Met piepende banden en de geur van verbrand rubber komen we juist op tijd tot stilstand op de snelweg. Te laat gezien dat de vrachtwagen voor ons bijna stil stond. Of ook een noodrem maakte, dat weten we eigenlijk niet. In diezelfde secondes houd ik m’n adem in terwijl ik angstvallig de auto achter ons in de zijspiegel zie. Even vrees ik het ergste, maar ook die wagen kan op tijd remmen. Poeh. Dat was schrikken maar gelukkig niks aan de hand. En we weten nu dat de remmen nog goed zijn. De rest van de rit verloopt rustiger.

Probleemloos vinden we de zorgvuldig uitgekozen camping. We parkeren de bus en wandelen richting de receptie. Allebei vinden we de eerste indruk helemaal niet zo leuk. Niks charmant of gemoedelijk. Volgepropt op elkaar. En waar is dat riviertje? ‘Kom, we gaan eerst even over de camping wandelen om te kijken of we mooie plaatsen zien. Kunnen we daarna altijd nog naar de receptie.’ We vinden het echt tien keer niks hier. Helemaal niet zoals de foto’s lieten geloven. Die rivier was er wel, achteraan een klein stukje, maar te ver vanaf de plekken om het echt te zien. En het was afgezet met draad. Bah. In plaats van naar de receptie stappen we de bus in, en rijden we van de camping af. Maar welke nu dan?

Volgens Google zijn er nog wel een paar in de buurt. Uiteraard, aan deze kant van België zijn er meer dan genoeg. We vinden ze alleen niet allemaal leuk genoeg. In Aywaille zijn er een paar campings. Op één daarvan hebben we al vaker gestaan. Is een van onze favoriete campings in deze regio, maar we willen ook eens een andere proberen. Het wordt Arkeo.  We volgen de navigatie en krijgen het al benauwd als we de straat inrijden. Een groot terrein vol stacaravans. Gelukkig niet de camping waar wij moeten zijn. Er blijken er 2 vlak naast elkaar te liggen. We moeten de achterste hebben. Ook hier wandelen we eerst even de camping over, voor de zekerheid. Het is hier niet zo druk, en je hoeft ook niet vlak tegen elkaar aan te staan. We melden ons aan bij de receptie en we krijgen een camperplaats toegewezen. Met zicht op de rivier. We staan niet vlak langs het water maar een eind er vanaf. Eerst vinden we dat jammer. Later niet meer zo. Er leven ook een hoop ganzen op het terrein, vooral in en naast het water. En geloof me….je wilt daar echt niet in het gras gaan liggen.

Het is prachtig nazomerweer.  Zelfs ’s avonds kunnen we gewoon buiten blijven zitten. Kaasfondue, stokbrood, koffie, rood wijntje…. we kunnen het wel hebben zo. Het is al na middernacht als we het vuurtje in de gehuurde vuurschaal laten uitdoven en gaan slapen.

Donderdagochtend word ik al vroeg wakker. Ik schuif het gordijn opzij en zie een flinke mist boven de rivier. Mooi! Opstaan en foto’s maken? Maar dan bedenk ik me dat ik diezelfde mooie mist meestal alleen maar als een groot grijs vlak op de foto krijg. Ik draai me dus nog eens om en dut wat verder. Als de zon doorkomt, staan wij ook op. Na de gebruikelijke ochtendrituelen zitten we met een beker koffie en een broodje buiten in de zon. Ik heb op deze camping totaal geen bereik met m’n telefoon. Best lastig. Als ik internet wil, moet ik vlakbij de receptie op de camping zijn, da’s de enige plek met bereik. We gaan daar even zitten om een wandelroute uit te zoeken. We vinden er eentje, op een wandelapp die ik net gedownload heb.

Onderweg snap ik mijn app niet. Of de kaart dan. Blijkt de app in vogelvlucht aan te geven waar het beginpunt van de wandeling is. Omdat we niet over schuttingen willen klimmen of dwars door mensen hun tuinen stappen, wandelen we maar via wat verharde wegen. Het beginpunt vinden we niet, al komen we wel uit bij andere wandelroutes. Aan de Ninglinspo. We twijfelen even of we een van de andere routes zullen doen maar wandelen toch maar terug richting camping. Dat is al een heel eindje. Als we terug aan de bus zijn, hebben we toch al ruim anderhalf uur gewandeld.

Nog wat koffie in de zon en dan wandelen we vanaf de camping eens de andere kant op. Links en rechts staan lelijke aftandse huizen met een gigantische zooi in de tuinen. Bij sommigen lijkt het meer op een stort dan op een tuin. De hele straat heeft een ongezellige troosteloze sfeer.  Op het laatste huis na, dat zag er mooi uit. Het is een doodlopende straat voor auto’s. Te voet kun je wel nog via een bospad dat langs de rivier loopt verder. Dat doen we dan ook een eindje. Niet helemaal want we hebben geen flauw idee hoe lang dat pad is. En ik heb nog steeds geen bereik.

We zijn op zich blij dat we naar deze camping gekomen zijn. De plek waar we staan is echt wel oke. Ook heeft de camping veel pluspunten, qua ligging. Er is geprobeerd iets gezelligs van te maken met een barretje en enkele terassen. Hier en daar staan bankjes of een speeltoestel voor kinderen. Maar de algemene indruk en sfeer is hier ook echt wel aftands. Alsof het ze niet interesseert ook. Op een deel van de camping staan ook vaste caravans die helemaal in het plaatje zouden passen van het straatje achter de camping.  Wat mij betreft wordt dit niet onze nieuwe favo camping van Aywaille.

De avond sluiten we weer af met een kampvuurtje. Met het geluid van de rivier op de achtergrond een beetje sterren kijken of staren in de vlammen. Jammer dat we morgen rond de middag alweer moeten vertrekken.

Plaats een reactie