
De regen is gestopt. De felle zon is weg, maar koud is het zeker niet. Het is ergens vooraan in de 20 graden. Van ons mag het zo de rest van de weken blijven. De eigenaar van de camping hebben we niet meer teruggezien. Ik knutsel een envelop in elkaar, steek er 15 euro in, de sleutel van het sanitair, een begeleidend briefje (met de groeten van Les 2 Belges avec le van) en deponeren het in z’n brievenbus. Hij zal het wel een keer vinden.
We vervolgen onze weg richting Perigueux. Heel even nog met snelweg, later via binnenwegen. Het wordt steeds warmer. Niet dat dat nu komt omdat we steeds zuidelijker gaan, want op deze wegen maak je niet zoveel kilometers in korte tijd. Ik zet m’n zonnebril op, draai m’n raampje open (oke, ’t is op een knopje duwen, maar dat klinkt niet), en geniet van de uitzichten. Wat de Fransen hier een geschikte bouwstijl vinden voor hun stallen en schuurtjes, vind ik juist als woonhuis erg charmant. Natuurstenen, hier en daar scheef, met gekleurde luikjes en veel verwilderde bloemen en planten tegen de gevel.
En dan een supermarkt. We draaien de parking op, verruilen de zonnebril voor een mondkapje, en slaan weer wat voer in voor de komende dagen. Luc ‘gooit’ zelfs 2 koffiemokken in de kar. Voor mij. Omdat ik die wel leuk zou vinden.

Tegen de avond open ik de France Passion app en klik random wat adresjes aan in de regio. Als we nu een plek zoeken kunnen we nog even profiteren van het mooie weer, en hebben we nog tijd zat voor een wandeling ofzo. We rijden indertussen in de Dordogne. De meeste boeren op die app hier in deze streek doen in fois gras. Ik wil dat niet eten, wil het niet kopen, en ik hoef ook niet te zien hoe ze het produceren, dus ik blijf andere opties aanklikken. We komen uit bij een walnotenboer. Benieuwd wat we ons daar bij voor moeten stellen, rijden we er naar toe. De uiteindelijke weg die naar de boerderij leidt, is een weg met aan weerszijden hele rijen notenbomen. De boer begroet ons vriendelijk en zegt dat we mogen gaan staan waar we willen. Achterzijde, voorzijde, er is plek zat. Hij heeft ook een mini winkeltje hier met zijn producten, maar omdat hij over 2 dagen met verlof gaat, is er niet meer veel voorraad. ‘Maar kom maar mee, dan kunnen jullie proeven van onze walnotenolie’ zegt hij trots, terwijl hij ons voorgaat naar het kleine winkeltje. De olie heeft een goeie smaak, al moet ik eerlijkheidshalve erbij zeggen dat ik absoluut geen kenner ben. We kopen een blikje olie en juist als we ons geïnstalleerd hebben, met luifel en al, begint het weer te regenen. Met bliksem. En donder. Dju. Hadden we net zo goed nog een paar uurtjes kunnen doorrijden.


Het wordt vanavond een makkelijke mac ’n cheese, als comfort-food. Planmatig als we zijn willen we ook nog een lijstje maken met must-see plaatsen in de Dordogne, maar het internetbereik is hier slecht. Dus dan maar de rest van de film, die we gisteren begonnen waren, afkijken. We hebben een systeem uitgevonden om die als een soort tv in te bouwen, zodat we vanuit bed allebei evengoed kunnen kijken. En het geeft onze basic Van een wat luxere uitstraling natuurlijk. De ene houdt de flap van de ipad hoes achter een kastdeurtje. De ander steekt er nog een mes achter, als steun om het beeld recht te krijgen, en duwt vervolgens met alle kracht het deurtje in het slot. Et voila!
