
En óf dat de moeilijkste wegen naar de mooiste bestemmingen leiden. We staan op bijna 800 meter hoogte, en hebben een panoramisch uitzicht. Het is echt fantastisch hier. Jammer dat het op foto’s nooit zo lukt om diepte weer te geven.
Lees verder

En óf dat de moeilijkste wegen naar de mooiste bestemmingen leiden. We staan op bijna 800 meter hoogte, en hebben een panoramisch uitzicht. Het is echt fantastisch hier. Jammer dat het op foto’s nooit zo lukt om diepte weer te geven.
Lees verder
We worden maar langzaam wakker vandaag. We drinken koffie onder ons luifeltje, dat nog helemaal nat is van gisteren. Een waterig zonnetje probeert door te breken, maar het is nog fris. Niets wijst erop dat het vandaag weer heel warm gaat worden.
Lees verder
Ik lig aan de raamkant, en het eerste wat ik doe als ik wakker word is naar buiten kijken. Het is nog donker, maar vaag zie ik de contouren van de bergen, en een donkere vlakte daar tussenin. Ik sluit nog even mijn ogen, maar slapen lukt niet meer. Buiten beginnen de bergen steeds meer vorm aan te nemen. De donkere vlakte kleurt langzaam blauw. De zon begint op te komen, ik spring uit bed. Nu is dat springen niet echt letterlijk. In feite kruip ik over Luc heen, om dan met m’n benen over het randje bungelend, het afstapje zoekend, naar beneden te glijden.
Lees verder
Onderweg naar de volgende bestemming staar ik wat uit het raam en neem de omgeving in me op. Net als ik beslis dat ik Aragón niet zo fascinerend vind als Navarra, laat de regio zich plots van een andere kant zien. De weidse platte, en daardoor soms wat saaiere, uitzichten hebben plaats gemaakt voor ruigere rotsige kloven en ravijnen. Na bijna iedere bocht lijkt het landschap weer te wisselen. De droogte is wel overal zichtbaar, en zal hier regelmatig natuurbranden veroorzaakt hebben. We passeren verschillende bergwanden met zwartgeblakerde bomen. Al rijdend probeer ik wat foto’s te maken, (als passagier uiteraard, ik zit niet aan het stuur) stoppen doen we nu niet.
Lees verder
Een beetje misleidend is deze eerste foto wel. Na onze woestijntrip kozen we een camping uit, om al het stof eens goed weg te kunnen spoelen. M’n haren voelden bijna als dreadlocks. We belanden in Ejea de los Caballeros, een gemeente in de regio Aragon.
Lees verder
Rond half twee rijden we de camperplek op. Het is gewoon een strook grind, waar je gratis mag overnachten, maar het decor is fantastisch. We staan aan de grotwoningen van Arguedas. Er zijn heel veel van deze woningen, maar er is maar een beperkt gedeelte te bezoeken. Vroeger woonden hier mensen die zich geen woning konden veroorloven. Voor we aan de niet zo lange klim naar boven beginnen, zetten we eerst onze stoeltjes in het reepje schaduw naast de bus. Puffend en zwetend, wachtend tot het heetst van de dag voorbij is. We snappen dat ge-siësta van de Spanjaarden wel.
Lees verder
“Wat een grappig uitzicht zo”, zei ik nog, terwijl ik een foto maakte van de weg die voor ons lag. “Net alsof we nergens heen gaan”. We hadden toen nog geen vermoeden van de correctheid van deze beeldspraak.
Lees verder
Veel wakker geworden deze nacht, en niet weten hoe te gaan liggen van de warmte. We hadden voor het slapen gaan het zijraampje al helemaal open gezet. Even later het dakraam. Ergens ’s nachts de schuifdeur ook nog helemaal open, maar het helpt niet veel. We staan vroeg op, en het eerste ezeltje komt ons al goeiemorgen wensen aan de bus. Algauw volgen de andere twee. Ze zijn echt zó leuk!
Lees verder
ZONDAG
Door de ochtenddauw is hier alles nat. Het gras, de stoelen, de tafel…. Maar het regent in ieder geval niet meer, dat is al iets. Ik pluk wat bramen uit de heg, zet koffie, laat de afbakbroodjes aanbranden, en we ontbijten op het kleine streepje zon op het gras.
Lees verder
Om 8 uur gaat de wekker, maar ik zet ‘m uit en slaap weer verder. Een uurtje later schrikken we wakker van een luid gebons op de bus. Luc schuift de deur open en een vrolijke boer verwelkomt ons met een bonjour, intussen zijn portemonnee openhoudend ten teken dat ie zijn 5 euro komt innen.
Lees verder