
Het wordt al vroeg warm in de bus. Ik sla het dekbed weg en schuif het gordijn opzij. De zon! En niet zo’n beetje. Ik baal er al wat van dat we ons verslapen hebben maar zie dan op m’n gsm dat het nog maar 7 uur is. Ik draai me nog heel even om maar slapen lukt niet meer. Voorzichtig stap ik naar buiten en blijf even afwachtend staan. Niks. Geen muggen, geen knutjes, gewoon niks. Zalig. We drinken onze koffie buiten, zonder hysterische bewegingen.
‘Zullen we anders hier blijven staan?’ Vraagt Luc, die het intussen wel helemaal gehad heeft met die beestjes. Ik snap het ook wel, hij heeft dan ook veel meer muggenbulten dan ik. Het is ook helemaal geen verkeerde plek hier voor een overnachting maar om nu de hele dag op deze parking te blijven, zie ik ook weer niet zitten. Daarbij, gisterenavond hebben we beslist om naar een camping in Snåsa te rijden, dus dat gaan we doen ook. Het is een hele mooie weg en helemaal niet druk. We genieten van de omgeving, en stoppen soms even. Het zijn niet zo heel veel kilometers die we vandaag moeten doen, maar we doen er wel lang over. De weg kronkelt langs rotsen, langs meren, langs watervalletjes, langs mooie recente huizen maar ook langs oude verlaten houten hutjes. Het lijkt soms net alsof we door een postkaart rijden. Enkele sfeerbeelden van onderweg naar de camping:







Onderweg doen we nog snel wat boodschappen. Met dit weer staat een barbecue op de planning. Een simpele, want we zijn maar met 2 en hebben een kleine koelkast. We vallen achterover van de prijzen van de verse groenten. En van broodjes. We zijn dan wel op vakantie, en we moeten niet te flauw doen, maar iets in mij wil toch geen 3 euro uitgeven aan 1 komkommer. Je bent Nederlandse voor iets he.
‘Vagabonds sanctuarium’
We vinden probleemloos de camping. Het is een kleine camping maar wel heel charmant en apart. Het is meer een natuurcamping eigenlijk. Volgens de eigenaar ook bedoeld voor mensen die de natuur en deze plek weten waarderen. De sfeer is hier enorm leuk en echt wel zoals wij het graag hebben. No nonsense, natuur en een beetje een hoek af. Alleen de naam en omschrijving al: ‘Oldernæs Gård, vagabonds sanctuarium’. We wisten het al wel, vele jaren geleden hebben we hier ook al gestaan maar enkel voor een overnachting. We vonden het toen al tof maar het goot toen de hele avond en nacht zo ontzettend hard dat we niet echt de kans hebben gehad om meer te bekijken. Hopelijk nu wel met dit mooie weer. We kiezen het laatste plekje langs het water uit.





Voor ons hebben we uitzicht over het meer, en vanaf onze plek wandel je zo een strook bos in. Het is op zich geen moeilijke route, maar toch is het uitkijken. Op de meeste stukken is het een smal pad vol boomwortels en stenen, soms moet je onder of over gevallen boomstammen, of een stukje klimmen. Gelukkig had ik mijn nieuwe stok bij. Onderweg passeren we een paar kleine strandjes. Na ongeveer een uur hebben we het eindpunt bereikt. Het is de moeite. Het waait hier flink maar dat is nu welkom.













Onderweg ook nog enkele verhalen en sages te ontdekken. Een graf uit de oudheid. Een schedel van een eland gewikkeld in ijzerdraad wat hier ooit ongelukkig aan zijn einde gekomen is. (Zie één van de foto’s.) Er wordt gevraagd de beenderen te laten liggen. Mooi dat dat gerespecteerd wordt hier. De andere verhalen horen we misschien morgen nog wel. We zijn inmiddels een paar uur verder en hebben honger. Luc kookt vandaag. En dat doet ie goed. Na de barbecue wat hout erop. Was het vanmiddag nog heel warm, inmiddels is het al flink afgekoeld. Maar we amuseren ons hier wel, op deze mooie plek. Het liefst blijven we hier nog één of een paar dagen extra staan om de rest van de camping en omgeving te verkennen. En om gewoon even chill te niksen. Volgens de voorspelling gaat het vannacht en morgen regenen. We zullen wel zien wat morgen brengt.

