
2020. Begin maart. Voor één keer eens niet last-minute, maar al weken vantevoren dat ik de bus helemaal schoongemaakt had, uitgeruimd en weer netter ingeruimd. Klaar om er nog eens op uit te trekken. En toen kwam de lockdown.
Het voorjaar ging voorbij, de zomer ging voorbij, en de bus bleef thuis. Het was niet het moment om rond te gaan toeren. Heel jammer, maar het was nu eenmaal niet anders. Buitenlandse plannen werden geschrapt, maar ook de plannen om dan maar naar een camping in eigen land te gaan. De leukste waren allemaal volzet. Maar dan kwam ik per toeval een geschikte plek tegen. Iemand verhuurde een stuk bos van 4 ha. En we moesten er niet de grens voor over, zelfs niet buiten onze eigen provincie. En ook niet onbelangrijk, we zouden er maar alleen staan. Nog coronaproofer kon het niet. ‘Zullen we……? Ja, we zullen.’
En dus waste ik in november opnieuw alles uit, laadde wat spullen in, en begonnen aan de lange tocht van wel ong. 40 km naar onze bestemming. We vonden zonder problemen de toegangspoort naar het prive bos, en volgden de aanwijzingen die we hadden gekregen om de plek te vinden. Een kronkelweg naar boven leidde er naartoe. Wat een leuke plaats. Een stukje open plek met een vuurplaats. Het is maar weer eens bewezen dat je eigenlijk niet ver hoeft te gaan om mooi te staan. Je moet de plekjes alleen weten te vinden. We parkeren de bus, draaien luifel uit, en halen de stoelen uit de ‘garage’. Nu eerst koffie.


We verkennen even de directe omgeving. We konden pas na 15.30 uur hier terecht, dus een lange wandeling zit er niet meer in. Geeft niet, we moeten niks. Gewoon hier zitten is al zalig. Het is dat je in de verte nog verkeer kunt horen, waardoor je weet dat je niet echt in de middle of nowhere bent, maar verder is het stil. Vogeltjes fluiten, bladeren dwarrelen hier en daar van de bomen, alles is herfst. Met een mooie temperatuur voor de tijd van het jaar. Het wordt al vroeg donker dus Luc steekt het vuur aan. Een worstenbroodje erbij als avondeten, stoelen aanschuiven bij het vuur, en genieten.



Als we de volgende ochtend opstaan is het opnieuw best mooi weer. Iets minder zon, maar de temperatuur is zeker fantastisch voor de tijd van het jaar. Ik heb slecht geslapen, dus ik kom wat traag op gang. Ofja, eigenlijk kom ik altijd traag op gang, maar nu dus ook. We ontbijten buiten. Ik hoef niet eens een jas aan. Als de thermos koffie leeg is trekken we de wandelschoenen aan en gaan de wijdere omgeving verkennen. Eenmaal van het terrein af besluiten we om meestal zomaar wat bospaadjes te volgen, en niet steeds de aangegeven wandelroutes. Er zijn vandaag veel mensen die het bos opzoeken. Logisch. Brede wandelpaden wisselen we af met kleine weggetjes, en af en toe moeten we zelfs een behoorlijke klim doen.













Geen idee waar we precies allemaal geweest zijn, we deden maar wat, maar we hebben toch weer heel wat kilometers in de benen als we de bus teruggevonden hebben. Met een warme choco ploffen we in onze campingstoeltjes. Met slagroom.

Net op het moment dat we onze stoof willen aansteken om te koken begint het ineens te regenen. We schuiven alles maar onder ons luifeltje, zo gaat het ook. Het is altijd wat uitproberen met de hoeveelheid houtjes die je in de stoof schuift, maar het wordt toch maar een eenvoudige pasta dus het kan niet mislukken.


We zetten koffie, we wassen af, en de regen tikt nog steeds op het dak. Lekker geluid, dat wel. Maar we zijn toch blij als het rond 22 uur ineens stopt. Het koelt ’s avonds af, dus het is wel fijn dat we nog even aan het vuur kunnen zitten. Doordat veel bomen nog druppelen van de voorbije regen horen we nu veel meer gekraak en geritsel in het bos. Oren gespitst en op alles bedacht, maar we krijgen helaas geen (zichtbaar) bezoek van een ree ofzo.
Het is nu 23 uur. Het begint weer wat te druppelen. We blijven gewoon zitten. We zien nog wel hoe lang 🙂
